getater
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het voortdurend kinderlijke klanken uitkramen
- het voortdurend luidruchtig inhoudsloos pratenOostende is de juiste stad voor Jean-Marie. Hij is geoefend in de grootspraak van kustbewoners bluft de boel af als geen ander. Zo bleek ook op zijn eerste persconferentie. Bij zijn triomferend getater werd de al even mediageile voorzitter Vergeylen zowaar een hakkelaar. NRC 31 oktober 1998 [https://www.nrc.nl/nieuws/1998/10/31/jean-marie-7420860-a466722 Jean-Marie]John moest denken aan de eeuwige wijsheid van Hans van Mierlo die ooit zei: van vergevensgezindheid komt steeds meer razernij. De oud-scheidsrechter bloedde hevig aan de glorie van zijn opvolger, misschien nog wel heviger dan aan het kwetsende getater van die imam. NRC Hugo Camps 26 mei 2001 [https://www.nrc.nl/nieuws/2001/05/26/het-pantser-jol-7543522-a283433 Het pantser Jol]Rustig en ongestoord van je lievelingsmuziek genieten, er zijn heel wat plekken waar het je niet gegund is. De QuietComfort 35, een nieuwe draadloze hoofdtelefoon van Bose, past daar een mouw aan: plaats de schelpen over je oren, en je hoort werkelijk niets meer van het straatlawaai of getater in de trein. De Standaard 29/06/2016 [http://www.standaard.be/cnt/dmf20160628_02360495 REVIEW. Bose QuietComfort 35: Stille genieter]
Etymologie
* van tateren
Vertalingen
Engelschatter
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek