gemeenschapshuis
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een combinatie van verschillende voorzieningen in één of meerdere gebouwen, waarin samenwerking de sleutel isEr was in elk geval geen berentand in zijn woning, het gemeenschapshuis of de kerk.Zo ook in Middelaar. "We hadden tot september vorig jaar een winkel in ons gemeenschapshuis", zegt Sjaak Hendriks, voorzitter van de dorpsraad in Middelaar. "Maar ja, het ging toen om 10, 15 klanten. Dat gaat economisch natuurlijk geen succes worden. De winstmarges op levensmiddelen zijn daarvoor gewoon niet hoog genoeg.""Toen de Poolse kerk hier vanochtend uitging, was het ontzettend druk", zegt verslaggever Maino Remmers bij gemeenschapshuis Erasmus, waar twee Poolse vlaggen op het dak wapperen. "Veel mensen willen echt verandering", hoorde hij van de wachtenden. Of die er ook gaat komen, is onwaarschijnlijk. Het staat namelijk vrijwel vast dat de conservatieve regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) de parlementsverkiezingen wint.
Vertalingen
Engelsparish hall, cultural centre in a village
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek