geknaag

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het voortdurend bijten met de tanden
    Een hongerige steenmarter blijkt er de oorzaak van dat ruim tienduizenden Groningers vrijdagochtend zonder stroom zaten. Het diertje had met zijn geknaag in een transformatorstation voor kortsluiting gezorgd.de Telegraaf 17 feb. 2017
    Winston of Yolanthe staat met ze in de Green Room uit te buiken, na het geknaag aan de zojuist verorberde spektakelstukken en het is aan ons kijkers om te wachten op de uitslag van de publieksjury.de Telegraaf HESTER ZITVAST 08 sep. 2015
    Ratten op de vliering, in de kruipruimte en de gangkast. Bruine kaagdieren die uit gaten in de tuin kruipen en de funderingen en isolatie aantasten met hun gegraaf en geknaag. De verhalen in de wijk zijn legio. In de wijk Franse Gat zouden zelfs spelende kinderen zijn aangevallen.de Telegraaf CHRIS VERVERS 12 feb. 2015

Etymologie

* van knagen

Vertalingen

Engelsgnawing