geklauter

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het voortdurend met handen en voeten klimmen
    En waarom iedereen nou zo graag aan het raam wil zitten? Dat geklauter over andere mensen is niet echt mijn hobby, dus zet mij maar aan het gangpad. de Telegraaf SANDRA SCHUURHOF 11 jan. 2014
    De wisseling van het decor houdt de game vers op moment dat het eindeloos geklim en geklauter van Sly Cooper begint te vervelen.Volkskrant 8 mei 2013,

Etymologie

* van klauteren

Vertalingen

Engelsclambering