gehoorapparaat
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- Hoorapparaat. Toestel voor slechthorenden om het gehoor te versterken.De oude man had een gehoorapparaat nodig.David Hockney zet zijn tanden in een Double Smash Burger met gekarameliseerde uien en gerookte cheddar. Zijn twee gehoorapparaten heeft hij naast zijn bord gelegd, op zijn schoot ligt een zorgvuldig gevouwen servet. de Volkskrant John Schoorl25 februari 2019 [https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/81-jarige-kunstenaar-david-hockney-woont-in-los-angeles-met-zijn-entourage-en-komt-de-dag-door-met-heel-veel-sigaretten-maar-zonder-alcohol~b394910a/ 81-jarige kunstenaar David Hockney woont in Los Angeles met zijn entourage en komt de dag door met heel veel sigaretten, maar zonder alcohol]
Vertalingen
Engelshearing aid
Fransaudioprothèse
DuitsHörgerät, Hörapparat
Spaansaudífono, aparato auditivo
Zweedshörapparat
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek