gegak
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het aanhoudend of voortdurend gakken van ganzenIk kan wel vreemd ontroerd raken van zaken die me eerder niet eens opvielen: het gegak van overvliegende ganzen in een vriesnacht, een verweesd baby-aapje op tv, oude mensen die arm in arm over straat gaan.Het eeuwige gegak van die ganzen kon ronduit irritant zijn, maar toen Hanne Bijl na ruim vier maanden eindelijk weer op haar eigen woonark stond, was er geen mooier geluid denkbaar.
Etymologie
* van gakken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek