geeuw
mannelijk (de)/ɣew/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het zich uitrekken, meestal met open mond, bij slaperigheid, ontspanning of vervelingHij kon in de langdradige vergadering een geeuw niet onderdrukken.
Etymologie
*hier komt de etymologie van het woord-->
Vertalingen
Engelsyawn
Fransbâillement
DuitsGähnen
Spaansbostezo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek