gazelleoog
onzijdig (het)/ɣaˈzɛləˌʔox/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- elk van de twee gezichtsorganen bij een slanke antilope
- (figuurlijk) mooi donker vrouwenoog
Etymologie
*, geschreven zonder tussen-n volgens omdat ook het meervoud gazelles bestaat
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek