gaspook
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- met de hand bedienbare regelaar van een verbrandingsmotor waarmee men de toevoer van brandstof en daarmee ook het geleverde vermogen van de motor aanpast
- metalen buis waardoorheen gas stroomt en waarmee men een vuur kan aansteken of onderhouden
Vertalingen
Engelsgas poker
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek