gasketel
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een gasgestookte ketel voor het verwarmen van water voor de centrale verwarmingEn twee: onbekend is eveneens hoeveel mensen een oude gasketel hebben en hoeveel nieuwe ‘combiketels’, met een hoog rendement, er al in Nederland staan. Hier geldt, bijna paradoxaal: hoe meer ‘goeie’ ketels er staan, hoe lager de besparing zal zijn bij korter douchen. NRC Gijsbert van Es 10 september 2014
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek