Fort
onzijdig (het)/fɔrt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (militair) bouwwerk om de eigen positie te versterkenDe strijders hadden zich verschanst in een fort.
- (figuurlijk) sterke kant, sterk punt, sterke zijde (meestal in ontkennende zin)Dat is mijn fort niet.
- (wonen) groot woonhuis voor meerdere gezinnen tegelijk, vaak begonnen als eengezinswoning
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vestingwerk’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1577
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek