formatie
vrouwelijk (de)/fɔrˈma(t)si/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vorming, het formeren
- (politiek) de vorming van een nieuwe regering
- geheel waarin de delen op een bepaalde wijze geordend zijn
- vastgesteld personeelsbestand
Etymologie
* van formeren
Vertalingen
Spaansformación
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek