fontein

mannelijk (de)/fɔnˈtɛɪn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kunstmatige bron, aangelegd om water omhoog te spuiten
  2. omhoogspuitende waterstraal
    In de avondschemering verzamelden de bewoners van de wijk zich rond het bassin met de fonteinen, die verkoelend water spoten. {{Aut|Sandes, David

Etymologie

*van het Latijnse fons (bron)

Vertalingen

Engelsfountain, fountain
Fransfontaine, jet d'eau
DuitsSpringbrunnen, Fontäne
Spaansfuente