floss
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- draadje waarmee men de ruimte tussen de tanden kan reinigenOnzekerheid na btw-uitspraak: 6 of 21% op gezichtscrème en floss?Maak goed schoon tussen je tanden met ragers, stokers, sticks en floss.
Etymologie
* uit het Engels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek