flobert

mannelijk (de)/floˈbɛːr/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. licht achterladend geweer, geschikt voor gebruik binnenshuis en het bestrijden van plaagdieren
    Hij bonkte op de deur, loste met zijn flobert een schot in de lucht en sommeerde de notaris de freule zo mogelijk ongeschonden uit te leveren.
    {{ouds|1935/46

Etymologie

*(eponiem), naar de Franse geweermaker die dit wapen in 1845 heeft uitgevonden, in de betekenis "achterlaadgeweer" aangetroffen vanaf 1859 (zie vindplaats hieronder)