flamenco

mannelijk (de)/flaˈmɛŋko/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. Zuid-Spaanse zigeunerdans

Etymologie

* Leenwoord uit het Spaans, in de betekenis van ‘Spaanse zigeunerdans’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1956

Vertalingen

Spaansflamenco