fagocyt
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (biologie) wit bloedlichaampje dat bacteriën en stukjes afgestorven weefsel in zich kan opnemen en verteren door middel van omsluiting (fagocytose)
Etymologie
* van het OudGriekse φαγεῖν 'phagein' (eten) en
Vertalingen
Spaansfagocito
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek