fado

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. droevige muziek uit Portugal / levenslied uit Portugal met gitaar begeleiding
    Wim de Haan was alles en deed alles. Hij combineerde het schrijven van poëzie met boksen, en hield veel van fado muziek en van vrouwen.Volkskrant Peter de Waard 2 maart 2017

Etymologie

* Leenwoord uit het Portugees, in de betekenis van ‘melancholiek Portugees lied’ voor het eerst aangetroffen in 1933