facet

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. platgeslepen oppervak van een metaal, glas of gesteente
    Een briljant is een geslepen diamant met 58 facetten.
  2. (in beeldspraak) de verschillende kanten van een zaak
    Er zitten veel interessante facetten aan deze schijnbaar eenvoudige zaak.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘aspect, kant’ voor het eerst aangetroffen in 1901