face-off
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (sport) het begin van een ijshockeywedstrijd of een herstart van de ijshockeywedstrijd waarbij de scheidsrechter de puck weer in het spel brengt.De sticks van de ijshockeyspelers sloegen hard tegen elkaar aan bij de face-off.
Etymologie
*samenstelling van face = gezicht en off = van
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek