fabrieksdirecteur
mannelijk (de)/faˈbriksdirɛkˌtør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) iemand die leiding geeft aan een bedrijfsvestiging waar producten in serie worden gemaaktIn een fabriekshal staan vijf ratelende machines. Elke vijf minuten maken die machines vijf tuinkabouters. Tot de fabrieksdirecteur er 95 machines bij koopt.Eenmaal thuis is ze de trofeevrouw van een chagrijnige fabrieksdirecteur die haar afblaft. Als hij wordt ontvoerd door zijn stakende arbeiders, herstelt ze op diplomatieke wijze de orde.Fabrieksdirecteur Spada bepleit ook overheidsingrijpen. „Dit is een familiebedrijf, mijn mensen werken al decennia voor ons.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek