föhn
mannelijk (de)/føn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een toestel dat een warme luchtstroom voortbrengt voor het drogen en opmaken van het kapsel, een haarföhnHet is verbazingwekkend wat je met een föhn kunt bereiken.
- (meteorologie) een warme droge wind afkomstig uit Italië die vaak aan de noordzijde van de Alpen waait
Etymologie
* Het woord is in het Zwitsers-Duits ontwikkeld uit Latijns favonius. De naam van het elektrische toestel is hetzelfde woord en tevens aan het Duits ontleend.
Vertalingen
Engelshairdryer
Franssèche-cheveux, fœhn, föhn
DuitsHaartrockner, Föhn
Spaanssecador de pelo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek