eter
mannelijk (de)/ˈetər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) iemand die aan het eten is
- (voeding) iemand die gaat komen eten
Etymologie
* afgeleid van de werkwoordstam van eten
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
* afgeleid van de werkwoordstam van eten