erfwoning

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. eenvoudige woning die gelegen is op het erf van een grotere andere woning
    Het schepencollege heeft een bouwvergunning gegeven aan Vooruitzien CVBA voor zes erfwoningen in gesloten bebouwing en vijf 'levenslange' woningen in halfopen bebouwing in De Laar.

Etymologie

* Surinaams-Nederlands