ereboog
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- boog opgericht ter ere van een persoon of roemrijk feitDe ereboog van spuitwater raakte de zwijgzame Brodka. Hij is de brandweer trouw gebleven. Hij meldt zich buiten de wedstrijdmaanden nog steeds op de kazerne in Lowicz. Hij heeft een vast ritme: een dienst van 24 uur, twee dagen vrij. Zijn krachttrainingen doet de olympisch kampioen 1.500 meter vaak tijdens de loze uren op de kazerne, als het alarm niet afgaat en er weinig anders te doen valt.Volkskrant Mark van Driel 22 november 2014
Vertalingen
Engelstriumphal arch
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek