duvels
/ˈdyvəls/
Betekenis
tussenwerpsel
- een uitroep van verbazingDuvels zeg!
- als een duvelDat was echt een duvels plan.
- vervloektDie duvelse jongen heeft weer iets uit mijn tuin gestolen!
- boos, ongeduldigJe wordt er duvels van.
- In hoge mateIk was toen echt even duvels kwaad.
Etymologie
*afgeleid van duvel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek