dumdum
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geluidnabootsing van een ritmische drum of basgitaarWant Iommi beitelde zijn klassieke rockriffs in beton. 'Dumdum' maar even mee, met bijvoorbeeld Paranoid uit 1970: 'Dumm dumm dummm, dudududu dudududu, dumm dumm dummm.' Of dat uiterst kwaadaardige, trage openingsnummer Black Sabbath, van de gelijknamige debuutplaat, ook uit 1970: 'Dumm, dúmmmm, dummmmmmm....'
- een kogel die fragmenteert of uitzet bij het treffen van het lichaam
Etymologie
* uit het Engels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek