duivelen
/ˈdœyvələ(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) (textielindustrie) bewerken met een grote trommel met tanden die een weefsel losser maakt en van pluizen ontdoet
- (ov) lastig vallen, problemen bezorgen
- (ov) omver gooien, laten vallen
- (erga) een plotselinge val maken
Etymologie
*: "duivel" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek