duivelen

/ˈdœyvələ(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov, textielindustrie (ov) (textielindustrie) bewerken met een grote trommel met tanden die een weefsel losser maakt en van pluizen ontdoet
  2. ov (ov) lastig vallen, problemen bezorgen
  3. ov (ov) omver gooien, laten vallen
  4. erga (erga) een plotselinge val maken

Etymologie

*: "duivel" met de uitgang -en