drs.

mannelijk/vrouwelijk (de)/dɔktoˈrɑndʏs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. vroegere academische titel op masterniveau, gevoerd voor de naam, vervangen door MA of MSc achter de naam
    Het is nog maar de vraag of drs. Jansen ooit dr. Jansen zal worden.

Etymologie

*(afkorting) doctorandus