dressboy
mannelijk (de)/ˈdrɛzbɔj/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- standaard waarop men zonder kreuken een mannenpak kan hangenEn passant wijst hij nog even op de uitzet boven de wastafels: „Kijk, je had hier alles wat je maar nodig had: een föhn, een flesje Odol…” en op de dressboy, een fascinerend meubel waar een heer zijn kleren overheen kon vouwen zodat ze niet kreukelden – ik kan me persoonlijk niet voorstellen dat die ooit gebruikt werd, maar misschien ben ik nog nooit met een man met echt dure pakken naar bed geweest. NRC 11 oktober 2013 [https://www.nrc.nl/nieuws/2013/10/11/yab-yum-het-museum-1302507-a632207 Yab Yum, het museum]Je neemt ook bakken eten mee naar kantoor omdat de kantine niet open is op tijden dat jij werkt (haha) en je hebt achter je bureau een strijkplank en je schone kleren op een dressboy. Je doucht sowieso altijd op kantoor. Laat af en toe je auto ’s nachts op de zaak staan zodat het lijkt of je er als eerste was (dank, George uit Seinfeld). Span een zeiltje tussen de printer en het kopieerapparaat en een waslijn richting inloopkast. Zet een leeslampje naast je slaapzak. NRC 1 oktober 2014 [https://www.nrc.nl/nieuws/2014/10/01/japke-d-overwerken-laten-we-gewoon-altijd-op-ka-1423952-a221703 Overwerken? Laten we gewoon altijd op kantoor blijven]
Etymologie
* quasi-Engels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek