doofpot
mannelijk (de)/'dofpɔt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- pot waarin men in vroeger tijden turven of kolen doofdeOp de tafel lag de bijbel en onder de tafel stond een doofpot.[https://roekelg.home.xs4all.nl/genealogie/VermWerf.html Scheepswerf C. Vermeulen in Krimpen aan den IJssel, 1854-1914], roekelg.home.xs4all.nl
Uitdrukkingen
- in de doofpot stoppen — iets wat fout is geheim houden, iets niet bekend maken
Vertalingen
Engelscover-up
DuitsKohlendämpfer, Dämpftopf
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek