Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

dividiviboom

mannelijk (de)/divi'divibom/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een boom die in het Caraïbische gebied veel voorkomt
    Onder invloed van de wind die gedurig van een kant komt krijgt een dividiviboom zijn karakteristieke gebogen vorm.
    De eilanden hebben een droog klimaat met 350-550 mm neerslag per jaar en zijn bedekt met cactusstruweel. De dominante soorten zijn: Stenocereus heptagonus, Subpilocereus repandus en Pilosocereus lanuginosus. Een andere kenmerkende plant is de dividiviboom en Croton flavens en Cordia cylindrostachya.

Etymologie

* Leenwoord uit het Spaans, in de betekenis van ‘peulen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847