directievoorzitter

mannelijk (de)/diˈrɛksiˌvorzɪtər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bedrijfskunde (bedrijfskunde) bij bedrijven en organisaties met een meerhoofdig dagelijks bestuur de leider van dat bestuur
    Ze begon haar loopbaan als schaderegelaar bij NS en klom via diverse managementfuncties op tot directievoorzitter van NS Reizigers – toen nog een aparte divisie, nu onder de naam 'Operatie’ een geïntegreerd onderdeel van NS.