dinosaurus

mannelijk (de)/ˌdinoˈsʌʊrəs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. reptielen (reptielen) een lid van een uitgestorven groep van reptielen, waartoe de grootste landdieren behoren die ooit bestaan hebben.
    Wetenschappers creëren kippenembryo met snuit van dinosaurus (eieren rapen wordt direct levensgevaarlijk!) [http://www.nu.nl/wetenschap/4048568/wetenschappers-creeren-kippenembryo-met-snuit-van-dinosaurus.html www.nu.nl]

Etymologie

* In de betekenis van ‘voorhistorische hagedis’ voor het eerst aangetroffen in 1892

Vertalingen

Engelsdinosaur
Fransdinosaure
DuitsDinosaurier
Spaansdinosaurio
Italiaansdinosaur
Russischдинозавр
Japans恐竜
Koreaans공룡