diaken

mannelijk (de)/di'jakən/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. religie, beroep (religie) (beroep) rooms-katholiek geestelijke, gerangschikt direct onder een priester, die een priester helpt bij kerkdiensten
    Het Tweede Vaticaans Concilie heeft voorzien in een permanent ambt van diaken.[http://www.rkk.nl/katholicisme/encyclopedie/d/diaken Diaken, rkk.nl]
  2. religie (religie) persoon die binnen de protestantse kerken gaat over de kerkelijke armenzorg

Etymologie

* Van het Griekse woord diakonos (διακονος), dat dienaar betekent ()

Vertalingen

Engelsdeacon
Fransdiacre
DuitsDiakon
Spaansdiácono
Italiaansdiacono
Portugeesdiácono
Russischдьякон
Japans輔祭