depressie

vrouwelijk (de)/de'prɛsi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) ziekelijke neerslachtigheid
    Ze had na de geboorte van haar zoon een postnatale depressie.
    Ook de tragische ondergang van de jaren 60-generatie, wanneer steeds meer muzikanten dood neervallen of wegzinken in depressie, is scherp getroffen. Vooral de ondergang van The Band doet pijn aan je ogen. NRC Bertram Mourits 8 juli 2016
    Ik ben ervan overtuigd dat lopen, alleen zijn en afstand nemen heel erg kan helpen bij het verwerken van verlies en om weer geestelijk gezond te worden. Maar ik geloof ook dat lopen goed is om bepaalde problemen te voorkomen, zoals burn-outs en sommige vormen van depressies.
  2. meteorologie (meteorologie) gebied met lage luchtdruk
    Morgen trekt een depressie over ons land.
  3. economie (economie) langdurige inzinking in de economische ontwikkeling
    De aanhoudende recessie lijkt het karakter van een depressie aan te nemen.
  4. aardrijkskunde (aardrijkskunde) relatief laaggelegen gebied
  5. medisch (medisch) verminderde functie
    Morfine kan een ademhalingsdepressie veroorzaken.

Etymologie

*afgeleid van het Franse dépression of daarvoor van het Latijnse 'dēpressio'

Vertalingen

Engelsmajor depressive disorder, depression, depression
Fransdépression, dépression, dépression
DuitsDepression, Depression, Depression
Spaansdepresión, depresión, depresión
Italiaansdisturbo depressivo
Portugeesdepressão nervosa
RussischБольшое депрессивное расстройство
Arabischاكتئاب
Turksmajör depresif bozukluk
Poolszaburzenia depresyjne, depresja
Zweedsdepression
Deensdepression