demagoog
mannelijk (de)/ˌdemaˈɣox/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (persoon) (politiek) iemand die de steun van mensenmassa's probeert te verwerven door telkens in te spelen op hun gevoelensde demagoog bij uitstek in de twintigste eeuw was wel Adolf Hitler
Etymologie
*van "démagogue", in de betekenis van ‘volksmenner’ aangetroffen vanaf 1796
Vertalingen
Engelsdemagogue
Spaansdemagogo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek