d.w.z.
/ˌdɑtwɪlˈzɛɣə(n)/
Betekenis
afkorting
- dit betekent (wat daarvoor is meegedeeld, wordt erna verduidelijkt)Ons huis heeft vier slaapkamers d.w.z. 3 slaapkamers en één slaapkamertje.Het is een mooi, veelomvattend essay waarin je vaak `jezelf leest', d.w.z. ervaringen van de schrijver tegenkomt die je ook zelf als luisteraar in het openbaar vervoer en naar de radio maar al te vertrouwd zijn.
Etymologie
*(afkorting) dat wil zeggen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek