counteren
/'kɑuntərə(n)/
Betekenis
werkwoord
- vanuit de verdediging een snelle tegenaanval ondernemenVlak voor de aanvaller sjokten de spelers van Feyenoord naar de kleedkamer. Thy had na een middag fel jagen, geconcentreerd meeverdedigen en fanatiek counteren nog alle puf om een lekker sprintje 'bergop'te trekken.Tubantia Mikos Gouka 05-02-18 [https://www.tubantia.nl/nederlands-voetbal/karim-el-ahmadi-zo-kan-het-niet-langer~a9c6ada6/ Karim El Ahmadi: Zo kan het niet langer ]
- het weren van een aanvalAchter de winnaar sprintte de ontsnapte Woods naar de tweede plaats, op ruim een halve minuut van de winnaar. Bardet werd derde. Jungels'ploeggenoot Alaphilippe eindigde als vierde nadat hij in de finale -bijna- elke aanval wist te counteren.Tubantia Sjors Tanis 22-04-18 [https://www.tubantia.nl/sport/bob-jungels-bezorgt-quick-step-nieuwe-grote-zege~a12ad12a/ Bob Jungels bezorgt Quick Step nieuwe grote zege ]
- de gevolgen van iets compenserenOp vele plekken wordt dus al gebruik gemaakt van kunstsneeuw om slechte weersomstandigheden te counteren.Tubantia Bob van Huët 25-02-18 [https://www.tubantia.nl/buitenland/bestaan-de-winterspelen-nog-in-2080~ac4b9c72/ Bestaan de Winterspelen nog in 2080? ]
Etymologie
* uit het Engels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek