contraremonstrant
mannelijk (de)/'kɔntraremɔnstrɑnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) (geschiedenis) Nederlandse calvinist in de 17e eeuw, aanhanger van Gomarus, tegenstander van de remonstranten
Etymologie
*afgeleid van remonstrant
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek