confituur

mannelijk/vrouwelijk (de)/kɔnfi'tyr/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) jam te gebruiken als broodbeleg

Etymologie

*van het Frans [https://fr.wiktionary.org/wiki/confiture Wiktionnaire]

Vertalingen

Spaansconfitura, mermelada