concipiëren

/ˌkɔnsipiˈjerə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) verwekken
    Het kind was op diezelfde dag geconcipieerd.
  2. ov (ov) ontwerpen, opstellen

Etymologie

*via Middelnederlands "concipieren" van Latijn "concipere", in de betekenis van ‘ontwerpen’ aangetroffen vanaf 1442