concessief
mannelijk (de)/kɔnˈsɛsif/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (taalkunde) voegwoord waarmee een toegeving wordt uitgedrukt
- (taalkunde) een toegeving uitdrukkend
Etymologie
*afgeleid van concessie ()
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*afgeleid van concessie ()