woorden
boek
Start
›
C
›
concertzaal
concertzaal
mannelijk/vrouwelijk (de)
/kɔn'sɛrtsal/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
bouwkunde, muziek
(bouwkunde) (muziek) ruimte waarin men een concert kan houden
Vertalingen
Engels
concert-room
Spaans
auditorio
Verwante woorden
concaaf
concateneren
concave
concelebrant
concelebranten
concelebratie
concelebraties
concelebreerde
concelebreren
concentraat
concentraten
concentratie
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← concertwezen
concertzaaltje →