concertgebouw
onzijdig (het)/kɔnˈsɛrtxəˌbau/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) (muziek) gebouw bestemd voor muziekuitvoeringenHet bestaat hoofdzakelijk uit een of meer zalen met een geschikte omvang en akoestiekVijf architecten laten elk een ontwerp zien voor een nieuw concertgebouw in Kyoto.
- (bedrijf) (muziek) organisatie die muziekuitvoeringen in een daarvoor bestemd gebouw aanbiedtOok de kop boven het interview met Lilian Alibux – sinds september 2018 het hoofd Marketing van de Doelen – klinkt omineus: „De Doelen is meer dan een concertgebouw.” Alibux begon haar carrière met het ontwikkelen van concepten voor organisaties in de commerciële sector. Zo bedacht ze het No Beers, Coffee Only festival voor Douwe Egberts, het strategische concept voor het digitaal magazine iFly van KLM en ontwikkelde ze een upgrade voor een KPN-concept voor high value klanten. Wederom ontbreekt elk spoor van muziek, of van welke culturele affiniteit dan ook. Kennelijk maakt het niet uit of je de programmering van een concertgebouw verkoopt, of een tweedehands auto, een 24-delige encyclopedie, of knollen voor citroenen.Schouwburgen en concertgebouwen zullen door de economische crisis harder worden getroffen dan kleine podia, omdat ze minder creatief en ondernemend zijn.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek