computeren

/kɔmˈpjutərə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) gebruikmaken van de computer
    Soms zit hij dagenlang te computeren.

Etymologie

*Afgeleid van computer

Vertalingen

Engelswork at the computer
Franstravailler sur l'ordinateur
Duitsden Computer nutzen, am Computer arbeiten, am Computer sitzen
Spaansestar delante del ordenador