coke

mannelijk (de)/kok/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. drinken (drinken) een bruingekleurde frisdrank, cola
    Hij wou een glas coke, maar de fles was leeg.
  2. medisch, informeel (medisch), (informeel) cocaïne
    Energie is het sleutelwoord. Je bent fit, alert. Sommige panelleden klagen dat coke ‘egoverdikkend’ werkt. Daar ergeren anderen zich aan. NRC Thomas RuebMartin Kuiper 27 juni 2016

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘cocaïne’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1982