clublokaal

onzijdig (het)/'klʏplokal/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ruimte waarin de leden van een sportclub of andere vereniging bijeen kunnen komen
    Na een bijeenkomst in een clublokaal, waar Jan Myrdal de hoofdtoespraak hield, wachtte de oproerpolitie met paarden buiten en toen de deelnemers aan de bijeenkomst de straat op liepen viel de politie aan, kwam aanrennen of -rijden en mishandelde mensen die alle kanten op probeerden te vluchten.