closetpot
mannelijk (de)/kloˈzɛtpɔt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- pot waarin je kunt poepen en plassenOp een videotape zit Mascha de Vries op een closetpot, met de rok keurig over de knieën en de tas op schoot. Ze rookt de ene sigaret na de andere, automatisch, zonder aandacht. NRC Anna Tilroe 9 april 1999 [https://www.nrc.nl/nieuws/1999/04/09/je-kunt-beter-niet-onschuldig-zijn-10450999-a197200 Je kunt beter niet onschuldig zijn]Hoe gebruiksvoorwerpen in het museum belanden, dat is t/m 19 nov te zien in het Haus der Kunst in München. Duchamps beroemde flessendroger, die de Fransman in een warenhuis kocht en in 1914 provocerend tot kunst uitriep, staat er net als Andy Warhols Brillo-zeepdozen of Claes Oldenburgs papieren closetpot. NRC 5 oktober 2000 [https://www.nrc.nl/nieuws/2000/10/05/duitsland-7513094-a1094570 Duitsland]
Vertalingen
Engelstoilet bowl, WC pedestal
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek