chroniqueur

mannelijk (de)/kroniˈkør/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) iemand die kronieken schrijft, een kroniekschrijver
    De bekende chroniqueur is vorige week overleden.

Etymologie

* van het Franse chroniquer

Vertalingen

Engelschronicler, historian
Franschroniqueur
Spaanscronista